Geschiedenis

In 2012 is het 50 jaar geleden dat een medewerker van het Instituut voor Geschiedenis van de Rijksuniversiteit Groningen bij de Haagse Post de opnamebanden opvroeg van een serie vraaggesprekken met prominente Nederlanders. Dit initiatief kan gezien worden als het startpunt van de aanleg van interviewcollecties in Nederland ten behoeve van de historische wetenschap: Oral History. Verteld Verleden koppelt 50 jaar Oral History verzamelen aan de mogelijkheden van nieuwe ontsluitingstechnologie.

Gesproken getuigenissen

Onder Oral History wordt verstaan het bevragen van een respondent met de bedoeling zijn specifiek persoonlijk geheugen vast te leggen zodat dit kan dienen als historische bron. Dat kan gaan om een individueel geheugen met specifieke kennis, of om een hele verzameling interviews die breder zijn opgezet zodat het materiaal vergelijkbaar is. In het Oral History interview wordt doorgevraagd naar details die historisch relevant zijn. De kennis is immers bedoeld om iets toe te voegen aan andere bronnen. Een Oral History getuigenis is een primaire bron: het materiaal wordt zo opgetekend als de persoon het gezegd heeft. Daarmee onderscheidt het Oral History interview zich van een ‘gewoon’ interview (in tijdschrift, boek, of op radio/tv) omdat in dit laatste geval een regisseur een uitsnede uit het materiaal heeft gemaakt.

Schat aan getuigenissen

In 50 jaar is een grote schat aan gesproken getuigenissen verzameld, getuigen de diverse initiatieven die door de decennia heen inventarisaties hebben gemaakt van Nederlands Oral History (OH) materiaal. Zo leverde een inventarisatie van de collecties van de Stichting Film en Wetenschap in 1996, een archief waar via verschillende omwegen veel materiaal uit de jaren zestig was verzameld, een lijst op van zo’n 1500 uur interviews met meer dan 1000 personen[1]. Deze collectie is echter maar een beperkt deel van wat er aan OH materiaal in Nederland in dozen, op planken, harde schijven, en in het gunstigste geval, goed georganiseerde digitale archieven, is terug te vinden. Naast de collecties die op nationaal en regionaal niveau buiten deze inventarisatie zijn gevallen, is er sinds die tijd veel materiaal bijgekomen, mede dankzij voortschrijdende technologie (denk aan opnameapparatuur en de computer). De voortschrijdende technologie moet er nu ook voor zorgen dat dit cultureel erfgoed beter toegankelijk wordt.

Sleutel tot de schat

Dat het toepassen van moderne technologische middelen een interessante optie kan zijn voor het toegankelijk(er) maken van cultureel erfgoed collecties, werd de afgelopen jaren al gedemonstreerd vanuit het CATCH onderzoeksprogramma. Het CATCH project CHoral richtte zich specifiek op de ontsluiting van Oral History collecties.  Aan de hand van een aantal voorbeeld applicaties werd in dit project het nut van het gebruik van spraakherkenning voor het zoeken in interviewcollecties gedemonstreerd. Het idee hierachter is dat beschrijvingen van collecties kunnen worden gemaakt door de spraak in de collecties automatisch om te zetten naar tekst. Die tekst kan dan gebruikt worden om in te zoeken [link naar stuk over spraakherkenning]. In samenwerking met het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie werden interviews met overlevenden van kamp Buchenwald doorzoekbaar gemaakt. Een ander voorbeeld is ‘Brandgrens Ooggetuigen‘, een interviewcollectie met overlevenden van het bombardement op Rotterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog die beter toegankelijk gemaakt werd door de inzet van spraaktechnologie. De enthousiaste reacties naar aanleiding van deze demonstraties maakten duidelijke dat technologie voorziet in een duidelijke behoefte, met het initiatief om Verteld Verleden te starten als gevolg.

Verteld Verleden

Het doel van het Verteld Verleden is om de mogelijkheden van moderne ontsluitingstechnologie onder de aandacht te brengen van Oral History collectiebeheerders in Nederland en tegelijkertijd feedback te krijgen over het gebruik van de technologie in de praktijk. Dit laatste is van groot belang om inzicht te krijgen waar de bottlenecks zitten bij de diverse collectiebeheerders en gebruikers die toepassing in de weg staan en om de technologie beter te kunnen laten aansluiten op de wensen van de gebruikers. Een belangrijke gebruikersgroep is die van de onderzoekers zelf. Zij vragen zich bijvoorbeeld af of met het gebruik van technologie en het internet, de privacy van geïnterviewden wel gewaarborgd kan blijven.

Omdat een aantal collectiebeheerders al (voorzichtig) gebruik maken van diverse vormen van professionele infrastructuren voor beheer en ontsluiting en van nieuwe technologie, is er in Verteld Verleden voor gekozen om met een aantal van deze collectiebeheerders een praktisch voorbeeld uit te werken en aan de hand hiervan -letterlijk- het land in te gaan om met het veld in gesprek te gaan over de mogelijkheden, onmogelijkheden en verbeterpunten bij het gebruik van technologie. In een breder kader gaat het hierbij dan natuurlijk ook over het onderzoek doen met digitale audiovisuele bronnen, methodologie en theorie van Oral History, en het ontwerpen van Oral History onderzoek vanuit het perspectief van hergebruik. De eerste workshops starten dit najaar.

Praktisch voorbeeld

Verteld Verleden bouwt een Oral History web-portal die het mogelijk maakt om in Oral History collecties te zoeken die zich bevinden in archieven verspreid over heel Nederland. Collectiebeheerders houden zelf het beheer over hun collecties en stellen de metadata beschikbaar via een protocol (OAI-PMH) zodat de Verteld Verleden server deze metadata kan binnenhalen (harvesten in jargon) en doorzoekbaar kan maken via een gebruikersinterface op de Verteld Verleden portal. Deze interface wordt gebouwd door Noterik[link], een bedrijf met veel ervaring op dit terrein. Met behulp van zoektechnologie geleverd door het bedrijf Spinque[link], kunnen aangesloten collecties ook inhoudelijk met elkaar worden verbonden zodat bijvoorbeeld een interview waarin het gaat over migratie afkomstig van Aletta, instituut voor vrouwengeschiedenis kan worden gekoppeld aan een interview over hetzelfde onderwerp van het Meertens Instituut. Binnen dit infrastructurele raamwerk maakt Verteld Verleden waar mogelijk gebruik van moderne technieken zoals spraakherkenning, persistent identifiers of thesauruskoppelingen.

De web-portal laat zien hoe het gebruik van moderne ontsluitingstechnologie in de praktijk zou kunnen werken maar biedt ook informatie over de technologie zelf en de manier waarop de technologie in gebruik genomen kan worden. De ervaring leert dat collectiebeheerders meestal wel de voordelen zien van moderne technologie maar dat zelf fundamentele stappen zetten lastig blijkt te zijn. Verteld Verleden zal daarom ook in kaart brengen wat er in Nederland al is en werken aan het opstellen van best-practices en stappenplannen om collectiebeheerders hierbij te helpen. Daarbij zal ook de link gelegd worden met relevante nationale en internationale initiatieven zoals CLARIN.

Kick-off Verteld Verleden 2010

Op donderdag 27 mei 2010 gaf Verteld Verleden het officiële startsein met een kick-off event bij Aletta, instituut voor vrouwengeschiedenis in Amsterdam. Verteld Verleden werd ingeleid door lezingen van Kees Slager en Franciska de Jong vanuit respectievelijk een Oral History perspectief en een technologische perspectief. Na de demonstratie van een aantal zoekapplicaties die de afgelopen jaren door de Universiteit Twente werden ontwikkeld in het kader van onderzoek op het gebied van audiovisuele zoektechnologie, werd een overzicht gegeven van waar Verteld Verleden zich de komende jaren op gaat richten: een start maken met het toegankelijk maken van Nederlandse Oral History collecties met daaraan gekoppeld het opstellen van duidelijke richtlijnen en ‘best practices’ voor collectiebeheerders om zelf aan de slag te gaan met nieuwe technologie.

Kijk hier voor de foto’s die zijn gemaakt.


[1] Cirkelen om een centrum, 35 Jaar interviewcollectie bij Stichting Film en Wetenschap, 1996, Mieke Lauwers